Zo, ik heb me bij een aantal twitterende (kandidaat)raadsleden van diverse pluimage als ‘volger’ ingesteld. Langzamerhand ben ik helemaal de weg kwijt in de Bredase politiek. Er is een site waar je veel informatie kunt vinden (hier), want als ik blijf bij mijn pasgenomen besluit om voor de 2e keer in mijn leven NIET te gaan stemmen, vind ik wel dat ook dat een afgewogen oordeel moet zijn. De meesten weten – volgens mij – niet, òf en wát ze gaan stemmen, want die keren dat ik een balletje heb opgegooid met het verzoek om mij te overtuigen waarom ik WEL moet gaan stemmen, heb ik meestal nul op rekest gekregen.

Wat vind ik belangrijk?

-Milieuvriendelijkheid (dus met iemand die roken propageert, heb ik erg veel moeite);
-Duurzaamheid (dus vindt iemand skiën helemaal fantastisch, dan ben ik bang dat die afvalt. En hou me ten goede, ik vind skiën ook geweldig, maar uit principe ski ik dus niet meer);
-Verdraagzaamheid (dus geen religieuze fanaten, seksisten, racisten).

Toch maar wel?

Het schijnt overigens dat TON in Breda meedoet. Dat vind ik toch een argument om wél te gaan stemmen. Nu moet ik alleen nog zien te verzinnen op wie dan. Iemand een suggestie?

 

“Ga met je tijd mee, maar kom af en toe eens terug!”
Stanislaw Jerzy Lec, Pools schrijver (1909-1966)

Leegstand

klok15 jaar geleden ging ik voor een eerste gesprek naar een potentiële opdrachtgever. Een abdij. De entree was helemaal zoals ik me die had voorgesteld: hoge houten deuren, waarvan een helft openstond, een betegelde vloer waar het licht uit een glas-in-loodraam gedempt op scheen. En in de hal een grote bronzen bel met touw waar je aan moest klingelen om je komst aan te kondigen. Mijn contactpersoon – ik noemde hem altijd Broeder PR – vertelde dat die bel wel eens voor problemen zorgde. Het immense gebouw was indertijd neergezet voor 160 monniken. Op dat moment lag het bewonersaantal op 24, maar hiervan was de helft boven de 80. Dus de bel werd niet altijd gehoord en bezoekers moesten dan ontzettend lang wachten.

Vooruitstrevend

Na dat eerste gesprek volgden er meer met als resultaat een nieuwe huisstijl en later zelfs een website. Zij waren de eerste Nederlandse abdij met een eigen website. Over met-je-tijd-meegaan gesproken!
Bij een van die gesprekken vond ik echter de deur gesloten en een super-de-luxe display op de muur ernaast. Toen ik op de roestvrijstalen bel drukte, hoorde ik uit de luidspreker de piepjes van een mobieltje overgaan en het geluid van een telefoon die verbinding zoekt. Als er een ‘back’-toets op het display had gezeten, had ik die beslist gebruikt, want je verwacht zo’n geluid helemaal niet. Gelukkig werd er al na drie keer opgenomen en hoorde ik “Ja?” uit de luidspreker komen.
Volgens broeder PR was deze nieuwe ontwikkeling alleen maar problematisch als iedereen in de kapel voor de mis zat. Dan kreeg de bezoeker namelijk te horen “Met Abdij de Koningshoeven, spreek uw bericht in na de piep”!

 

Mijn man heeft zichzelf een zeer streng dieet opgelegd. Een preventieve actie om gezond te blijven. Waren we vóór die tijd al lastig met eten (geen zout, geen vlees, wat mij betreft ook geen uien en geen prei), nu is het helemaal vaak problematisch om uit eten te gaan. Groot dan ook onze verrassing in (nota bene) een strandtent van de zomer. In plaats van – zoals de meeste van haar collega’s doen – tsjk te mompelen en met haar ogen te rollen, vroeg onze serveerster bij het opnemen van de bestelling: “Zijn er nog meer dingen die u niet wilt of mag hebben, meneer?” Petje af, zo willen we er meer.
Laten we nu mazzel hebben.
Het restaurant in ons dorp (er zijn er meer, maar daar kwamen we sowieso uit principe al niet) mailt regelmatig hun nieuwe menu. Ik schreef op een bepaald moment dat we niet meer kwamen. Vanwege dat strenge dieet. En uitgelegd waarom.
Binnen een paar uur had ik een mail terug met een voorstel voor een aangepast menu. Enige voorwaarde: we moeten op tijd bellen dat we willen komen. Ze willen de tijd hebben om iets lekkers uit te zoeken. En om na te lezen wat ze al hebben klaargemaakt, want ook dat wordt bijgehouden. Voorlopig heeft mijn man nog geen twee keer hetzelfde gegeten.
Is dat klantvriendelijkheid of wat?!

 

goneToen ik in 1975 voor de klas begon, was het nog niet zo lang geleden dat een vrouw die zwanger raakte, ontslag moest nemen. En nog wat verder terug in de tijd moest je als vrouw je baan opzeggen als je trouwde.
Ik zat in het staartje van de tweede feministische golf en wij hebben gestreden voor maatschappelijke gelijkheid. Hoewel ik toen nog geloofde dat mannen en vrouwen helemaal gelijk zijn. Die illusie heb ik niet meer, ook al ben ik de technische van ons tweeën en is mijn man degene die kookt en stofzuigt. Maar economische zelfstandigheid en je eigen broek ophouden vind ik nog steeds heel belangrijk. Ik word dan ook niet goed van vrouwen die vinden dat ze wel genoeg hebben gewerkt. Ook als de aanleiding een zwangerschap is. Die blabla dat het “een keuze van hen samen is, en zijn baan kan nu eenmaal niet in 4 dagen, en zij verdiende toch al niet zoveel…”
Zó verandert er natuurlijk nooit iets.

Maar waarom sloeg ik nu zo op tilt bij het lezen van de column van iemand die grosso modo hetzelfde zei? Zelfs toen ik wist dat het ironisch bedoeld was.