Deze blog gaat over mijn beslommeringen. Verwondering over wat ik zie of tegenkom. Soms met ontroering, soms met ergernis. Ach ja, that's life. :-)
Zelf vind ik de stukjes over mijn ouders het belangrijkste deel. Je kunt ze hier verzameld vinden.
©2011 HannieMommers • Contact

Onderwerpen
Archief

Archive for december, 2010

Tien jaar geleden

pa en ma

Mijn vader is zeven jaar geleden overleden, maar voor mijn gevoel ging daar een hele lange tijd van ziek zijn en ellende aan vooraf. Toch blijkt het pas tien jaar geleden te zijn dat hij een screening heeft ondergaan.

Ontkenning en beweging

Volgens mij zijn er twee factoren die een rol hebben gespeeld in het uitstellen van de conclusie “hij is ziek”.
De ene factor is beweging, mijn ouders zijn altijd heel erg sportief geweest. Tennissen, wandelen, fietsen, jeu de boulen, altijd waren ze in de weer.
De andere factor is de ontkenning van mijn moeder. Ik riep al heel lang dat hij ziek aan het worden was, maar mijn moeder wilde er gewoon niet aan. Het stomme is dat ik er toen van baalde en vond dat ze haar kop in het zand stak, terwijl ik later dacht dat het echt het behoud van mijn vader voor een lange tijd is geweest. Ze sleepte hem overal mee naartoe en functioneerde als zijn anker en als een buffer naar de buitenwereld.

Agressie

Mijn vader wilde er zelf ook niet aan dat hij ziek werd. Zijn moeder was dement op het einde van haar leven, zijn zuster ook. En het leek hem – terecht – het meest vreselijke wat hem kon overkomen. Dat nooit.
Het overkwam hem toch, en hij reageerde op zijn beurt met ontkenning. Maar ook met agressie, waardoor het op een bepaald moment onhoudbaar werd voor mijn moeder. Dus in 2000 togen we met hem naar een verpleeghuis voor een screening. Oef…

Eigen regie

Het was hetzelfde tehuis waar zijn zuster verbleef, maar hij herkende het niet. Toch kreeg hij gaandeweg in de gaten dat er iets plaatsvond waar hij geen grip op had en natuurlijk werd hij daar agressief van. Onbewust – wisten wij veel - hebben mijn moeder en ik toen voor de juiste aanpak gekozen. “Kun je het zelf wel regelen? Nou, dan regel je het toch zelf”. Met gelukkig een begeleidster die daar haarfijn op insprong. “Zal ik de agenda gaan halen, meneer Mommers? Of zullen we nu maar meteen die test even doen, dan heeft u dat gehad?”
Nu hij zelf kon beslissen, koos hij voor de test!

Ellendig

Ik had hem zo graag een ander ziekteproces gegund. Tot hij echt het besef niet meer had, heeft hij zich continu verzet tegen zijn ziek zijn. En had het daardoor heel zwaar. Altijd. Dat het anders kan, merk ik nu ook mijn moeder dement is. Ook zij heeft het zwaar en er zijn tijden dat ze alleen maar huilt. Wat het ook voor mij weer heel zwaar maakt. Maar een deel van de tijd kan ze zich gelukkig overgeven en dan is ze vrolijk. En met een vrolijke demente kunnen mensen nu eenmaal beter overweg dan met een agressieve, dus dan maakt ze contact, met als gevolg dat ze zich nog beter gaat voelen.

Kerstlunch

Van de week had ik een kerstlunch in het huis van mijn moeder. De keuken en het verzorgend personeel had geweldig hun best gedaan, mijn complimenten! Kleine tafels die feestelijk waren gedekt, in twee aansluitende ruimtes, zodat het niet te druk voor de bewoners zou zijn.
Aan mijn tafel zaten – uiteraard – mijn moeder, een bewoonster met haar dochter en een bewoonster met haar nicht. Het vrouwengehalte is altijd erg hoog in verzorgingshuizen, zowel bij bewoners, als personeel, als bezoek. Wat trouwens ook wel opvallend is: de dochters komen over het algemeen alleen, de zonen, als ze al komen, hebben bijna altijd hun vrouw bij zich.

Als demente ben je ook letterlijk het lijdend voorwerp

Aan sommige tafels zaten de bewoners te slapen. Aan onze tafel deden twee van de drie dementen nog mee, al gingen de gesprekken niet zo heel soepel. Maar wat ik moeilijk vond, was dat de nicht en de andere dochter over de bewoonsters praatten alsof ze er niet bij zaten. Ik probeerde mijn bijdrage aan het gesprek te leveren door ook voorvallen te vertellen, maar dan gedeeltelijk in de 2e persoon tegen mijn moeder. Dat had niet het gewenste effect. En ik kon het natuurlijk ook niet maken om gewoon te zeggen dat ik het niks vond, want dan richt je daar juist de aandacht van de bewoners op.

Oplossing?

Maar hoe had ik dat nu op een elegante manier op kunnen lossen. Hebben jullie een idee?

Gastbloggen

penRecent heb ik een paar blogs voor anderen geschreven. Leuke bijkomstigheid was, dat ik beiden uitsluitend via Twitter kende, Elja Daae en Patrick Bakker.

Schrijven voor iemand anders vind ik aan de ene kant erg moeilijk. Wat verwacht die ander, vind hij/zij mij wel goed genoeg, kan ik er mee overweg als ik iets moet veranderen.
Maar aan de andere kant is het enorm leuk om te doen. Ik stel me een lezer op een andere manier voor dan wanneer ik voor mijn eigen blog schrijf. Ik ga met andere ogen nog eens naar mijn oude blogs kijken, ik zoek mijn vakliteratuur weer eens uit.

Natuurlijk is het ook een groot voordeel dat ik een nieuw lezerspubliek heb gehad. Misschien zelfs wat blijvende lezers, om dat te weten is het nu nog te vroeg.

Tweerichtingsverkeer

Minstens zo leuk is het om gastbloggers op je eigen site te hebben. Met grotendeels dezelfde voor- en nadelen als ik hierboven heb beschreven, maar ook hierbij wegen de voordelen aanzienlijk zwaarder dan de nadelen.

Ben jij wel eens gastblogger geweest? Herken je iets in mijn opmerkingen?

Mijn blog valt uiteen in drie onderdelen: een blog over mijn vak (MomBlog), het blog dat je nu leest wat meer over privé-zaken gaat zoals de zorg of de vakantie (HMBlog) en mijn fotoblog waarop ik elke dag een nieuwe foto zet (FotoBlog). Op dat laatste past een gastblogger niet zo, maar mocht je een gastblog voor me willen schrijven wat op één van de andere twee past, dan zou ik dat heel leuk vinden.

Familie

pa en ikIk volg de blog van Ita van Dijk. Vanwege de herkenbare verhalen, maar ook door de warme manier waarop zij over haar moeder schrijft. “De eerste keer” bracht herinneringen bij mij boven over mijn vader. Zo’n eerste keer heb ik niet bewust meegemaakt, mijn vader noemde me al heel lang niet meer bij mijn naam, maar zei ‘schat’ of ‘troela’. Maar zijn gezicht lichtte altijd op als ik kwam en hij vond het heerlijk om onder de arm mee naar beneden te gaan om koffie te drinken.

Tijdens een van die wandelingetjes kwamen we de bezigheidstherapeute tegen. “Ha, meneer Mommers, lekker op pad?”. Hij wilde mij zelfs voorstellen aan haar, en zei: “Ja, dit is mijn zuster, ons Mien”. Het is bijna 10 jaar geleden, maar ik weet nog zo goed hoe blij ik was, dat hij me in ieder geval als familie beschouwde.
Groot was dan ook de domper zowel bij mijn vader als bij mij, toen de bezigheidstherapeute hem onmiddellijk corrigeerde met “Nee, dat is uw dóchter”.

Trouwboekjes

Trouwboekje
Voor mijn zoon maakten we het onderscheid tussen de oma’s door de voornamen erbij te noemen. We gingen bij oma Riki op bezoek of we gingen naar oma Annie. Ondenkbaar dat zoiets in mijn jeugd mogelijk was, maar het onderscheid was makkelijk: de moeder van mijn moeder noemden we ‘oma’, de moeder van mijn vader was ‘opoe’.

Opoe heeft negen kinderen gebaard. Drie daarvan leefden korter dan een jaar. Het was de gewoonte kinderen naar de grootouders te noemen, maar wat ik akelig vond om te ontdekken, was dat het volgende kind na een overleden baby hetzelfde werd vernoemd. Mijn ome Cel was de tweede Marcelis en mijn ome Toon was zelfs de derde Antonius. Wat een erfenis.

Toch kan het nog bonter. Mijn schoonmoeder heet exact hetzelfde als haar zus. Beiden leven echter – gelukkig – nog! Het verhaal gaat dat opa zo dronken was dat hij vergeten is de namen om te draaien. Maar hoe heeft een ambtenaar van de burgerlijke stand dat ooit goedgekeurd?